Knopgewichten 5 NEDERLANDSE ONCEN # deze pagina toont 2 gewichten.

317


Knopgewicht 5 NEDERLANDSE ONCE

Voor meer en grotere foto's klik op het gewicht  ► ► ► ►

Aantal ijken: 02
Op de kraag van het gewicht staat 5 N.O gevolgd door twee keer het ijkmeester teken van Dr. Mensing, Matheus Christinus en de jaarletters V 1865 W 1866.

Dit gewicht is geijkt voor fijne weging (herkenbaar aan het twee keer afgeslagen ijkmeester teken op de schouder) voor o.a Goud en Zilver.
Het gewicht is gelijk opgeijkt met de 2 pond kil  tot en met het 2 NW (nrs 315 tot en met 324)
Deze gewichten vormen samen een prachtige serie. Opgeborgen in een bijbehorende kist.

Mensing Matheus Christinus Dr.
Studeerde te Utrecht en promoveerde 20 juli 1837 cum laude tot doctor in de wis- en natuurkunde op proefschrift: De Bilancibus. Benoemd 30 september 1833 te Gouda, in 1857 overgeplaatst naar Rotterdam. Benoemd tot ijker, Chef van Dienst aldaar 1 januari 1870.
Eervol ontslagen 1 augustus 1880. Overleden 13 februari 1908.

 
351


Knopgewicht 5 NEDERLANDSE ONCEN

Voor meer en grotere foto's klik op het gewicht  ► ► ► ►

Aantal ijken: 30
Op de kraag van het gewicht staat 5 NED ONCEN 500 W. gevolgd door twee keer het ijkmeesterteken van één van de drie Amsterdamse ijkers op 1850 in dienst; Stamkaart, J.G.E.G. Stierling en of  L.J. Ulman en de jaarletter f (1850) twee maal het particuliere merk arrondissementsijker Dr. Joh. Theod. Munnick ijkmerk gevolgd door de jaarletters g, h, i, k.

Dit gewicht is geijkt voor fijne weging (herkenbaar aan het twee keer afgeslagen ijkmeester teken op de schouder) voor o.a Goud en Zilver.

Het heeft twee verschillende ijkmeesters en is 30 x onafgebroken geijkt.
Eerste jaarletter van goedkeuring de f 1850 en verder g 1851, h 1852, i 1853,
k 1854, l 1855, m 1856, n 1857, o 1858, p 1859, q 1860, r 1861, s 1862, t 1863,
u 1864, v 1865, w 1866, x 1867, z 1868, A 1869, B 1870, C1871, D 1872,
E 1873, G 1874, H 1875, J 1876, K 1877, L 1878, N 1879.

Opmerking
De jaarletter C 1871 is op de achterkant van de romp afgeslagen.
In de grondplaat zijn vele justeringen aangebracht.

Arrondissementsijkers
Stamkart Dr. Franciscus Johannes
Benoemd 2 december 1833 tot arrondissementsijker te Alkmaar.
Als zodanig overgeplaatst op 8 december 1835 naar Amsterdam.
Van 1833 tot 1867 heeft hij het ijkwezen gediend. De ogenblikken die hij vrij had besteedde hij aan ernstige studie en bekwaamheden die hij zich eigenlijk geheel zonder hulp verwierf, stempelden hem tot een geleerde. Voor het ijkwezen heeft hij zich ook zeer verdienstelijk gemaakt.

In 1844 werd hij benoemd tot doctor honoris causa in de wis-en natuurkunde te Leiden en in 1845 werd hij lid van de Koninklijke Nederlandse instituut en later, toen het instituut werd opgeheven en de Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen daarvoor in de plaats kwam, werd hij lid van deze academie.
In 1867 werd hij hoogleraar aan de polytechnische school voor de vakken zuivere toegepaste wiskunde. Later werd hem nog opgedragen onderwijs te geven in de ijkvakken. Met F. Kaiser en J. Bosscha was hij de regeringsafgevaardigde op de congressen te Parijs van 1870 en volgende jaren waarop de invoering van de nieuwe standaarden voor meter en kilogram werd behandeld. In 1878 werd hij op eigenverzoek als hoogleraar te Delft ontslagen maar bleef werken aan de Europese graadmeting als lid en voorzitter van de Rijkscommissie voor graadmeeting en waterpassing.
Geboren te Amsterdam 25 januari 1805 overleden aldaar 15 januari 1882.

J.G.E.G. Stierling, benoemd tot arrondissementsijker te Amsterdam op
10-04-1825, eervol ontslagen op 01-07-1861

L.J. Ulman, benoemd op 13-12-1828 te Amsterdam,
overleden op 02-12-1856.
 
Munnick Joh. Theod. Dr.
Benoemd 18 december 1842 te Haarlem.
Op wachtgeld gesteld 1 januari 1870.