Jaarletters 1820-1975

Nederland voerde vanaf 1820 zes alfabetten. Vanaf het zesde alfabet werd, bij de ijk en herijk, tot en met december 1974, als laatste jaarletter de hoofdletter G in fantasievorm afgeslagen. Met ingang van 01-01-1975 werden de jaarletters, in verband met de Europese harmonisatie, vervangen door de laatste twee cijfers van het lopende jaartal, afgeslagen in een vierkant stempelveld met holvormige zijden en afgesnoten hoeken.
Door de verschillende vormgeving van de letters is het dateren gemakkelijk. Er is wel een kanttekening te plaatsen bij de jaarletters van 1820 tot 1836: die zijn naar Amsterdams model. Elders in Nederland komen in deze periode jaarletters van een andere vormgeving voor. Ook de omlijsting kan tot en met 1844 verschillen aldus Jan Bot † van de voormalige Dienst van het IJkwezen van Swinden Laboratorium Oudheidkamer (klik hier).
De hieronder getoonde lijst toont de kale jaarletters, dus zonder de onder omlijsting.

In de periode 1820-1869 voerden de ijkers een persoonlijk merk en soms een merk dat verbonden was aan het ijkkantoor waar ze werkten. Dit zijn de zogenaamde arrondissementsmerken (zie arrondissementsijkers). In 1870 werd het ijkwezen drastisch gereorganiseerd en het aantal ijkkantoren teruggebracht naar 19. In plaats van persoonlijke merken (1820-1869) werden zogenaamde kantoormerken gevoerd: een cijfer of getal in een speciale omlijsting. In de loop der tijd werden nummers van opgeheven ijkkantoren aan andere ijkkantoren gegeven. Voor een overzicht hiervan zie: ijkkantoren.
 

Klik hier voor: Gewichtsvormen